Roerdomp (Botaurus stellaris)

De roerdomp verstopt zich meestal in het riet en moerassen. Men vindt deze soort vooral in het grootste deel van Europa, Azië en in het noorden en zuiden van Afrika terug. Hij maakt een opvallend brullend lawaai, waardoor men hem bij aanhoring niet onmiddellijk zou associëren met een lid uit de vogelfamilie. Er is over zijn roep lange tijd discussie geweest, in de beginne dacht men dat deze vogel zijn snavel in het water hield bij het roepen, maar eigenlijk zal deze met gestrekte hals zijn keel opblazen, waardoor hij dit verbijsterend geluid kan uitkramen. Hun nestplaats wordt nogal knoeierig opgebouwd, het is in feite een hoopje riet en andere waterplanten met een kuiltje erin. Het vrouwtje zal hier 4 tot 6 bruinachtige eieren leggen die ze helemaal alleen zal uitbroeden. Het mannetje broedt zelf dus niet en jaagt op andere vrouwtjes tijdens het broedseizoen. Na uitkomst van de eieren zullen de jongen het nest na 14 dagen verlaten om na 8 weken volledig volgroeid te zijn. De maaltijd van de roerdomp bestaat uit waterinsekten, vissen, kikkers en salamanders. De beide geslachten tonen strepen en bruinzwarte vlekken en de roerdomp is een klein beetje groter dan de fazant.

Bronvermelding:
De grote encyclopedie der vogels(oorspronkelijke titel: Birds), uitgeverij Rebo Productions, Lisse(ISBN: 903660278.5) auteur: Karel Stastny